
Vergeleken met andere grote steden wonen in Utrecht de meeste hoogopgeleide paren. Bij 63 procent van de 25- tot 45-jarige paren in de Domstad zijn beide partners hooggeschoold. Daarna volgen Groningen en Amsterdam met 56 en 54 procent. Dat meldt het CBS op basis van nieuw onderzoek.
Het aandeel hoogopgeleide paren nam de afgelopen tien jaar vooral sterk toe in Zwolle en Tilburg. In Leiden en Nijmegen bleef het aandeel nagenoeg onveranderd. In die steden was het aandeel hoogopgeleiden in 2006 nog het hoogst. Ongeveer de helft van alle paren bestond uit partners die beiden hooggeschoold waren.
Nu er steeds meer hogeropgeleiden in Nederland zijn, groeit ook het percentage hogeropgeleide paren. Zo was 30 procent van de 25- tot 45-jarige samenwoners in 2016 een hoogopgeleid stel. Tien jaar eerder was dat nog 19 procent. Hoewel het aandeel hoogopgeleide paren nog steeds hoger is in de steden, groeit het in de kleinere gemeenten sterker.
Het aandeel (al dan niet gehuwde) samenwonende paren van wie een van de partners ten minste een bachelordiploma heeft, is toegenomen. Tegelijk daalde het percentage paren met beiden een middelbare of lagere opleiding. Personen met een middelbare opleiding hebben havo, vwo of een mbo-opleiding van niveau 2 of hoger afgerond.
In de grote steden is een relatief hoog percentage hoogopgeleide paren te vinden. Mensen volgen er bijvoorbeeld hun hbo- of universitaire opleiding in de stad of vinden er werk. Hierdoor hebben ze kans daar hun eveneens hoger opgeleide toekomstige partner te ontmoeten. In de zeer stedelijke gemeenten was bij 45 procent van de 25- tot 45-jarige stellen beide partners hoogopgeleid. In de minst stedelijke gemeenten was dat aandeel ruim twee keer zo laag. Het verschil wordt wel kleiner. In de minder stedelijke gemeenten nam het aandeel sneller toe dan in de meest stedelijke gemeenten.






