Kunsthistoricus
Fred Gaasbeek werd drie jaar geleden door de Willem van Abcoude
Stichting gevraagd om een boek te schrijven over
Willem van Abcoude.
'Hij moest uit de schaduw van de geschiedenis getrokken worden. Andere
families, zoals het geslacht Egmond en Brederode, zijn nog steeds
bekend. Echter bij Van Abcoude hield het alweer op bij de dood van zijn
neef Jacob van Gaasbeek in 1459.'
Je maakt naam in de
geschiedenis als je stoute dingen doet, stelt Gaasbeek. 'Nou had Van
Abcoude wel wat bastaardkinderen, maar dat was niet zo bijzonder. En hij
was ook niet zo oorlogszuchtig. Hij heeft twee keer deelgenomen aan een
veldslag, in 1361 bij de slag bij Tiel en in 1371 bij de slag bij
Baesweiler. Bij beide slagen werd hij gevangen genomen en moest er een
flinke som aan losgeld voor hem betaald worden. Daarna had hij wel z'n
bekomst van veldslagen. Bij een volgende veldslag naar Friesland kocht
Willem van Abcoude deelname aan de expeditie van hem en zijn neef Jacob
van Gaasbeek af.'
Het was volgens Gaasbeek wel sprokkelen om wat
over Willem van Abcoude te vinden. 'Ik heb ervoor gekozen om wat
uitgebreider in te gaan op zijn familie. Zo begint het verhaal met de
komst van een van zijn voorvaderen uit het adelijke geslacht Van Zuilen
in het Nedersticht. Willem van Abcoude is nog wel samen met zijn zoon op
pelgrimstocht geweest naar Jeruzalem waarbij zijn zoon is overleden. In
Jeruzalem is hij op het heilig graf tot ridder geslagen en terug in
Utrecht heeft hij het eerste Jeruzalembroederschap in Nederland
opgericht.'
Gaasbeek denkt wel dat Willem van Abcoude een
religieus man is geweest. 'Toen Willem van Abcoude in 1345 werd geboren
heerste hier de Zwarte Dood. Tijdens zijn jeugdjaren is eenderde van de
bevolking gestorven en zijn vader, Gijsbrecht II van Abcoude, was ook
nog eens door de bisschop van Utrecht geëxcommuniceerd. Dat betekende
dat ze alleen thuis, achter gesloten deuren en als de zon was
ondergegaan, een religieuze dienst mochten organiseren bij een
huisaltaar. Al die mensen die dood gingen, en fluisterend bidden in het
donker, dat moet toch wel invloed hebben gehad op zijn geloofsbelevenis.
De excommunicatie werd overigens weer opgeheven want de bisschop en de
familie waren per slot van rekening toch familie.'
Aan het eind
van zijn leven werd de vader van Willem van Abcoude echter weer
geëxcommuniceerd. 'Hij achtervolgde twee dieven, waarvan er een een
geestelijke was, die een kerk in vluchtten in Kamerik. Daarbij
respecteerde hij niet het asielrecht dat voor een kerk gold. Een acoliet
sprong nog tussen de vader van Willem van Abcoude en de twee dieven.
Die sloeg hij dood en de twee dieven werden buiten de kerk onthoofd. Dat
was toch een beetje te gortig en daarom werd hij dus opnieuw
geëxcommuniceerd. En kort daarna is hij overleden. Van een aantal
schenkingen aan kerken van Willem van Abcoude is dan ook bekend dat ze
expliciet bedoeld waren voor het zielenheil van zijn vader.'
Bijzonder
is ook dat Willem van Abcoude twee gasthuizen heeft opgericht: het
Ewout en Elisabeth Gasthuis in Wijk bij Duurstede en het St. Barholomeus
Gasthuis in Utrecht. 'Het Bartholomeus Gasthuis was al een gasthuis
maar wel heel klein en het had geen kapitaal. Willem van Abcoude heeft
het overgenomen en uitgebreid en van geld voorzien. Het Ewout en
Elisabeth Gasthuis is ook door hem gesticht en beide gasthuizen bestaan
na 600 jaar nog steeds.'
Willem van Abcoude overlijdt in mei 1407
en wordt begraven in het Dominicanessenklooster in Wijk bij Duurstede,
dat hij in 1399 had gesticht.