Volksbuurtmuseum presenteert nieuwe tentoonstelling De pot op!

02 apr , 12:24 Geschiedenis
medewerkers van de gemeentereiniging halen met een pompwagen een beerput leeg 1906 1910 onbekend hua 57518
HUA

In deze tentoonstelling nemen het Volksbuurtmuseum je mee terug naar de tijd waarin de riolering nog niet bestond en de mensen zich moest redden zonder de moderne gemakken die we nu zo vanzelfsprekend vinden.

“Een plee dat was gewoon een houten ding waar je op kon zitten met een rond gat. En als je dan wat gedaan had in die emmer dan kon je er een ronde houten deksel erop leggen voor de stank. En toen had je ook nog geen closetrollen hoor. Want toen moesten de mensen d’r eigen vroeger met een stuk krantenpapier hun poeperd schoonmaken.” Piet van Veenendaal, geboren in 1920. Uit de interviewcollectie van het Volksbuurtmuseum.

Dat de porseleinen pot vroeger niet bestond en dat wij in de Romeinse tijd kletsend naast elkaar zaten te poepen, kunnen wij ons niet meer voorstellen. In de vorige eeuw gingen we als we ‘moesten’ naar de plee, de poepdoos of het schijthuis. Dit was niet meer dan een gat in een plank met een emmer eronder en werd in de volksbuurt vaak gedeeld met meerdere gezinnen uit de straat. In het Utrechtse Wijk C kwam tot 1967 de gemeentereiniging wekelijks langs om poeptonnetjes op te halen. Dit gebeurde met de ‘odeurwagen’, ook wel strontkar, beerwagen of boldootkar genoemd, naar een bekend eau-de-colognemerk.

De komst van riolering heeft grote invloed gehad op onze lichamelijke gezondheid en op onze leefomstandigheden. In Utrecht zijn de laatste huizen pas in de jaren 80 op de riolering aangesloten, op de Nieuwegracht, waar tot die tijd het afvalwater gewoon in de gracht werd geloosd.