Huize
Oudaen aan de Oude Gracht - een van Utrechts bekendste middeleeuwse
huizen en in het bezit van de diakonie van de hervormde gemeente - is
voor f 1.500.000 verkocht. Zoals bekend, komt bekend het pand per 1
oktober 1964 leeg te staan, omdat dan het bejaardencentrum Nieuw
Oudaen in het park Transwijk op het Kanaleneiland geheel in gebruik
genomen zal zijn. Dat meldt het
Utrechtsch Nieuwsbald op vrijdag 14
augustus 1964.
Doordat
het pand onder monumentenzorg valt, was het een moeilijk object.
Maandenlang gonsde de Utrechtse makelaarswereld van geruchten. Vele
kopers werden genoemd, die desgevraagd evenals de hervormde diakonie
allen steeds ontkenden. Maar thans lijkt de beslissing gevallen. Als
koper worden genoemd Schumachers bouwbedrijf uit Utrecht, dat door
het hele land bouwt een o.a. in de Meern nabij de grens met Utrecht
de prachtige coöperatieve parkflat Rheyngaerde neerzette.
Wat
wil deze eigenaar ermee gaan doen? Er zijn vele mogelijkheden. Zo
verluidt dat het voor de hand zou liggen dat men van Oudaen tot aan
het Vreeburg een winkelgalerij gaat bouwen. Oudaen is een van de
weinige percelen aan de Oudegracht waarvan de de tuin grotendeels
intact is. Zal op dit grote binnenterrein met aangrenzende
Zakkendragerssteeg straks een voor Utrecht unieke winkelgalerij
verrijzen?
Over
de stichter van huize Oudaen bestaat twijfel - was het de oude Dirk
uit 1400 of een lid van het een eeuw eerder levende geslacht
Zoudenbalch? Omtrent de herkomst van het huis bestaat echter
allerminst twijfel: het hoge grachtenhuis stamt uit de Middeleeuwen.
Rijke Utrechtse kooplieden bouwden in die dagen hun huizen als
burchten. De enorme zolders dienden dan als opslagplaats van voedsel.
Tijdens
de Spaanse bezetting werden lichte stukken geschut naar boven gehesen
om van Oudaen uit het Vredenburg te bestoken.
Maar
van huize Oudaen ging niet alleen oorlog en vernieling uit, ook
vrede. De Franse vertegenwoordigers bij de vredesonderhandelingen in
1712-1713 resideerde in dit prachtige, statige Utrechtse
grachtenhuis.
Een
heel andere bestemming kreeg het huis in 1758, toen de hervormde
diaconie het aankocht om de minder bedeelde bejaarde lidmaten er in
weg te stoppen. De oudjes vonden het verschrikkelijk in die grote
kast te wonen, zo vermelden de geschiedschrijvers. Maar het was nog
altijd beter dan uitbesteed te worden, zoals dat voordien gebeurde.
In
de twintigste eeuw heeft de diaconie radicale verbeteringen in
systeem en inrichting aangebracht. De kroon op het werk van de
diaconie is het gloednieuwe bejaardencentrum op het Kanaleneiland.