
Een groot 'fonteinbeeld' - drie bij drie meter op 'n steunpilaar in het midden reikend tot 'n hoogte van twee meter tachtig - werd onlangs in opdracht vervaardigd door de Utrechtse beeldhouwer Paulus Reinhard. Het is de bedoeling, dat het deze zomer of mogelijk eerder, zal worden opgesteld in (zo men wil: boven)de siervijver die geprojecteerd is in het door de architect ir. N. Spronk verzorgde uitbreidingsplan-Den Hommel, waarin ruimschoots aandacht besteed blijkt aan het element recreatie. Dat meldt het Utrechts Nieuwsblad op zaterdag 15 januari 1966.
Was hier aanvankelijk alleen nog maar gedacht aan de bouw van een overdekte bad- en zweminrichting, naderhand werd besloten, hierna een openlucht-zwembad te verbinden, om in de 'buitenbad' de kampioenschappen van medio 1966 te doen plaatsvinden. Tevens zal dit terrein worden verfraaid met de reeds genoemde siervijver, die enigszins de vorm van een driehoek krijgt. In het midden daarvan komt het beeld van Reinhard te prijken (te 'zweven', zal het haast lijken!), ongeveer tachtig centimer boven de waterspiegel van een centraal geplaatste ronde 'schaal' met een middenlijn vier meter.
Het wordt - met spuiters waaruit krachtige waterstralen zonder onderbreking hoog opspringen om dan weer neer te klateren, terwijl uit de ronde schaal voortdurend cascaden storten in de grote, lager gelegen vijver - dus 'n èchte fontein. Heel anders en heel wat royaler dan 't pietepeuterig sproeiertjesgeleuter, dat op het Lucas Bolwerk al 'n jaar of zes een plompe 'Dreimäderl'-groep met gieterstaaltjes nat maakt doch in geval van vriezend weer of (schaarse) droogte nog al eens verstek laat gaan!
Omtrent Reinhards beeld nog het volgende: de horizontalistische, maar niettemin dynamische structuur hiervan past zeer wel bij het bouwkarakter van de omgeving. Zijn enigszins tot het abstracte neigende gestileerde vorm kenmerkt zich door 'n levendigheid, die, uitgaande van de gedachte aan een natuurlijke motoriek en meer in het bijzonder geïnspireerd op zwembewegingen, tevens wil zinspelen op de beweeglijkheid van het water. Men mag verwachten, dat het als zodanig zijn effect niet zal missen…
Het grote gipsmodel bevindt zich thans te Rumpt, in de Betuwe, ten einde door de gieterij Stylaert aldaar in (lichtkleurig) brons te worden herschapen. Vóór het transport heeft de maker het opus eerst in vier stukken moeten zagen; maar van dit 'vierendelen' zal, wanneer het uit Rumpt terugkomt geen spoor meer te bekennen zijn.
Aanvullend is nog te vermelden, dat Reinhard ruim een decennium geleden gedurende twee jaar in Zuid-Amerika (Paraguay) heeft gewoond, gewerkt en gedoceerd. Hij heeft daar een overvloed van ervaringen opgedaan: ervaringen, waaraan de neerslag in diverse plastische verbeeldingen - o.a. van Paraguaans-Indiaanse volkstypen - is aan te wijzen.
Had hij reeds vóór zijn vertrek daarheen hier ter stede geëxposeerd (samen met William D. Kuik), na zijn terugkeer uit Zuid-Amerika kreeg hij steeds naam door zijn beeldhouwwerken, hetzij 'vrij', hetzij in opdracht, en zowel profaan als religieus.
Niet alleen in de zalen van Kunstliefde (van welk genootschap Reinhard lid is) maar ook op tentoonstellingen elders getuigde en getuigt telkens weer zijn oeuvre van een rijk kunstzinnige begaafdheid, die met 'n dergelijk vakmanschap gepaard gaat.





