Goed
nieuws voor Utrecht, vooral voor het Staatsliedenkwartier en
omgeving: de N.V. Chemische fabriek Wed. P. Smits & Zn. - beter
bekend als de beenzwartfabriek - is met de nieuwe fabriek aan de Waal
in Vuren zo goed opgeschoten dat volgende week al de
beenderenaanvoer in Utrecht kan worden verminderd. Dat meldt het
Utrechtsch Nieuwsblad op donderdag 8 oktober 1964.
Deze
aanvoer en opslag in de meer dan anderhalve eeuw oude fabriek in
Utrecht is al vele jaren het knelpunt geweest, waardoor veel last van
stank, maden, vliegen en torren werd ondervonden.
Het
proefdraaien in Vuren van de ontvettingsinstallatie gaat zo naar
wens, dat men daar nu meer beenderen kan gaan aanvoeren. Dit betekent
minder aanvoer in Utrecht en geleidelijk aan een opruimen van de
voorraad in de oude fabriek. Eind van het jaar, maar mogelijk nog
eerder, zal er van beenderverwerking in Utrecht geen sprake meer
zijn.
De
fabriek in Vuren is nog in opbouw. Er moet nog veel gebeuren, maar
wij stelden als doel - aldus vertelde vanmorgen in Vuren directeur
B.C. Müller - dat eerst de ontvetting zou draaien, opdat aan de
overlast in Utrecht een eind zou komen. Wij zijn tevreden over de
gang van zaken, aldus de heer Müller. In september 1965 uiterlijk
dienen wij de oude fabriek, volgens het contract, aan de gemeente te
verkopen voor f 4,5 miljoen. Wij hopen echter al midden 1965 helemaal
uit Utrecht weg te zijn.