Studenten Hogeschool Utrecht bouwen app voor betere leefomgeving

Foto: HU

Terwijl de lucht ergens volgens metingen schoon is, kan het er toch stinken. Bij een constante bromtoon slaan de decibelmeters niet uit, maar irritant is het wél. Met de ‘belevingsapp’ MEES kunnen burgers aangeven waar in de provincie Utrecht het nog wel wat stiller, groener of rustiger mag. De app wordt in opdracht van het RIVM ontwikkeld door studenten van Hogeschool Utrecht: “Ik wilde iets maken waar zij echt iets aan hebben.”

De MEES belevingsapp toont je locatie als stip op de kaart. Je krijgt actuele informatie over die plek te zien, zoals de hoeveelheid fijnstof en geluidsmetingen. Je kan dan aan de hand van een aantal vragen invullen hoe je de plek zelf ervaart. “De antwoorden op de vragen zijn onze belevingsdata,” zegt Stephen van Aken, innovatiemanager bij de provincie Utrecht. De provincie wil de data onder andere gebruiken om fietsroutes te verbeteren, om zo meer mensen aan het fietsen te krijgen. De data worden verzameld op het open platform Data- en Kennishub Gezond Stedelijk Leven en zijn daarmee voor iedereen toegankelijk.
De app is ontwikkeld door de HU-minorstudenten Juul Nelissen, Jort van As, Laura Vernooij en Mei-li Witsenboer, als opdracht binnen de minor Datavisualisatie & Infographics. Een minor is een vrij onderdeel van de studie, waarin een student kan kiezen te verdiepen of juist te verbreden met een minor uit een ander vakgebied. Juul Nelissen, student Communicatie & Multimedia Design: “Voor mij was de wereld van datavisualisatie geheel nieuw. Ook had ik nog nooit een opdracht gedaan voor zo’n grote organisatie als het RIVM. Ik wilde dit daarom echt goed doen; ik wilde iets maken waar zij echt iets aan hebben. We werden ook als professionals behandeld door het RIVM, daardoor neem je zelf ook een professionele houding aan.”
“We merkten dat het RIVM niet erg bezig was met waarom mensen de MEES app überhaupt zouden gebruiken; de ‘what’s in it for me’. Zij gingen er voor ons gevoel van uit dat mensen de app toch wel gaan gebruiken”, vertelt Nelissen. “Wij hebben toen onderzoek gedaan naar wie volgens ons de app écht zouden gebruiken en op basis daarvan vier persona’s ontwikkeld. Toen zijn we gaan kijken hoe de app eruit moet zien om deze mensen te motiveren. We wilden mensen er enthousiast over maken. In de app kun je bijvoorbeeld zien wat je buurtgenoten over een bepaalde plek zeiden. Dat is anoniem, maar het geeft wel meteen een idee hoe anderen die plek beleefden. Dat maakt het leuker om de app te gebruiken.”
Een tweede vraag was: hoe verzamel je de data en hoe kun je die data op een leuke manier in beeld brengen? Dat gaat verder dan hoe je de data weergeeft; de studenten dachten ook na over wat de data precies zeggen. Nelissen: “Stel: je stapt chagrijnig je bed uit en het regent ook nog. Dan geef je een andere reactie in de app dan wanneer het zonnetje schijnt. Dus het is wel belangrijk om niet te snel conclusies te trekken bij een paar opmerkingen. Dat ontwerpen, die echte datavisualisatie, vond ik erg leuk.”
De app wordt nog getest, maar binnenkort kunnen de inwoners van de provincie ermee op pad. Nelissen: “Ik hoop dat superveel mensen de app gaan gebruiken. Dat lijkt me fantastisch!”

Reacties